Ik ben temperamentvol. Sinds ik inimini ben, het heeft er altijd ingezeten. Wat zal het zijn, deels cultuur – deels karakter. Genen spelen ongetwijfeld een rol. En dat temperamentvolle zit me soms in de weg. Sommigen zien het als een kwaliteit en anderen als een slechte eigenschap. Ik weet niet waarom maar ik ging er net op googelen. Ik zocht op temperamentvol en op heetgebakerd en kwam op deze pagina terecht. Heel interessant want deze man koppelt als het ware een kwaliteit aan een valkuil. Te temperamentvol (kwaliteit) wordt heetgebakerd (valkuil).

temperamentvol

Te veel is nooit goed

Hij zegt: “Een kwaliteit wordt automatisch een valkuil als je er het woord ‘te’ voorzet”. Hij noemt als voorbeelden onder andere ‘aanwezig’. Te aanwezig wordt opdringerig. Te flexibel wordt chaotisch. Ik ben het niet overal mee eens want hij vindt bijvoorbeeld ook dat ‘te betrouwbaar’ als valkuil ‘gewoon’ heeft. Ik vind te betrouwbaar eigenlijk helemaal niet iets slechts. Tenminste, in mijn ogen kun je niet te betrouwbaar zijn. Toch? Betrouwbaar is gewoon goed. Maar om terug te komen op ‘mijn’ temperamentvol karakter – ja, dat kan wel te zijn. Of dat ik eerlijk ben – te eerlijk soms – dat wordt ook niet altijd erg gewaardeerd 😉

sollicitatiegesprekken

Dus ondanks het feit dat ik zijn lijstje niet feilloos vind, vind ik het wel een goed lijstje om even stil te staan bij je kwaliteiten en je slechte eigenschappen. Even een momentje van zelfanalyse 🙂

Ik had een tijdje terug een sollicitatiegesprek waar ik het niet al te best vanaf bracht. Er was namelijk een vraag – een standaard cliché vraag – die ik niet wist te beantwoorden. Ik weet niet hoor, maar het kwam er gewoon even niet uit: “Noem vijf goede en vijf slechte eigenschappen”. Wat gebeurde er? Ik kon alleen de slechte bedenken. Wel meer dan vijf – er kwamen werkelijk waar alleen maar slechte eigenschappen in me op. En dat is nou niet bepaald geweldig tijdens een sollicitatiegesprek 🙂

zelfanalyse

Later had ik het er met een collega over en zij noemde enkele eigenschappen van mij op, die zij hele goede eigenschappen vond. Het was heel leerzaam. De helft van de kwaliteiten die ze noemde zag ik namelijk helemaal niet als kwaliteiten maar als een gewoon iets. Iets dat iedereen wel had of wel kon. Pas toen besefte ik dat dat helemaal niet zo was. Niet iedereen kan dat en nee, niet iedereen heeft dat.

mijn slechte eigenschappen

Ik moet dus aan bepaalde zaken werken. Ik moet leren om niet altijd meteen alles te zeggen wat ik denk (ik ben een soort van “Flapuit Fred” dus eerst even tot 30 tellen in mijn hoofd), ik moet diplomatischer leren zijn en relaxed reageren als iemand irritant is 😉 en ik zeg te snel ja. Ik moet leren om iets te zeggen als ‘Ik ga er over nadenken en kom er morgen op terug’, nu zeg ik iets te snel ja en heb ik daarna spijt.

Oh ja en ik kijk soms boos zonder dat ik het doorheb. Dan zeggen mensen weer “niet zo boos kijken” maar daar kan ik weinig aan doen, dat is mijn kop gewoon. Een soort van Victoria Beckham syndroom. Behalve dit sjaggie-uitstralings-puntje, zijn het slechte puntjes waaraan gewerkt kan worden dus dat is mooi!

slechte eigenschappen

Mijn kwaliteiten

Ik weet mijn kwaliteiten nu wel beter te benoemen. Ik ben eerlijk, initiatiefrijk en loyaal – ik ben een enorme doorzetter en een harde werker. Ik kan goed delegeren wanneer nodig en ik houd altijd het overzicht (en verlies me niet in details). Ik kan op een creatieve manier (bijna alle) problemen oplossen. Ik ben ondernemend en ik ben niet bang om nieuwe ideeën te bedenken en uit te voeren. Ik geef nooit op en geloof niet in het woord ‘onmogelijk’. Ik kan snel leren, heel goed multitasken en ik ben gewoon een heel leuk mens 😉

sollicitatiegesprek

Herken je dit ook bij jezelf? Heb jij zelf weleens nagedacht over je slechte eigenschappen en je goede kwaliteiten? Waar zou jij nog aan moeten werken?